Je kunt ervaringen meemaken in je leven die zo ingrijpend zijn, dat ze grote –veelal negatieve- invloed hebben op je functioneren.  Deze ingrijpende, schokkende en/of extreme ervaringen kunnen variëren van een kort moment (ziekte of overlijden van jezelf of naaste, een ongeluk, gevecht of overval, lichamelijk of verbaal geweld, getuige zijn van iets vreselijks, even ergens niet opgelet – met alle gevolgen van dien) tot een langdurige periode (stress, ontslag, relatieproblemen, scheiding, opsluiting, misbruik – allerlei varianten, sexueel/psychisch/lichamelijk).  Uiteraard hoeft dat niet altijd en voor iedereen tot dezelfde problemen te leiden. Niet elk probleem is immers een trauma.

Maar als je merkt dat  het leven niet meer hetzelfde is als daarvoor en dat je steeds meer moeite hebt om goed te functioneren, dat je vastloopt in gepieker, slapeloosheid, hoofdpijn, onrust en/of flashbacks of nachtmerries – dan is er een gerede kans dat je met een onverwerkt trauma rondloopt.  De gedachten gaan met je op de loop, je vindt geen uitweg en je belandt steeds weer in dezelfde pijnlijke gedachtepatronen.  (‘’Had ik maar’’, ‘’Was ik maar’’, ‘’Waarom ik?’’,  ‘’Als dit niet was gebeurd dan…’’, ‘’Dit komt nooit meer goed’’ ‘’Dit zal me mijn hele leven achtervolgen’’ – enzovoort). De gebeurtenis is als het ware ‘’onvoltooid verleden tijd’’ waardoor het een belemmering vormt om goed te functioneren in het hier en nu.  Je wil het niet voelen en er niet aan denken en vlucht in afleiding of verslaving.

Pas zodra de lading en spanning er af is gehaald, kom je tot rust. De symptomen verdwijnen. De ervaring is dan ‘’voltooid verleden tijd’’ en kan een plaats krijgen in je levensverhaal, je biografie.  Je open wond is dicht en wordt een litteken of verdwijnt als sneeuw voor de zon. Een kraal voor je kralenketting. Maar de hamvraag is natuurlijk: hoe haal je de lading er spanning er af?

Symptomen, angsten en fobieën hebben een functie. Ze bevatten informatie over een onverwerkte gebeurtenis. Die informatie (een programmapakketje) wil jou juist beschermen tegen een herhaling van iets ergs dat je ooit hebt meegemaakt. Zolang je die informatie niet begrijpt, houd je het in stand.

Een voorbeeld:

Een vrouw krimpt ineen bij het horen van plotselinge harde geluiden. Ze durft niet in de auto of door tunnels, durft niet in mensenmassa’s of bv. naar een stadion. Ze raakt steeds meer geïsoleerd en anderen moeten zich steeds meer aanpassen en met haar rekening houden. Ze is vaak angstig (‘’Ik red het niet, ik ga dood’’) en depressief en slikt hiervoor antidepressiva.

Bij doorvragen blijkt al gauw tot haar eigen verrassing dat niet elk hard geluid tot dezelfde reacties leidt. De sterkste reactiesymptomen komen bij het horen van hele specifieke harde geluiden, zoals een toeter of claxon. Bij de herbeleving (via het onderbewuste naar de oorsprong van het probleem) blijkt dat ze een auto-ongeluk heeft meegemaakt. Ze weet er vrijwel niets meer van – na het ongeluk werd ze wakker in het ziekenhuis,  bijkomend van  een zware hersenschudding. Het was kantje boord, maar dat is van horen zeggen.

Bij de herbeleving blijkt dat het laatste wat ze nog gehoord heeft voor ze geraakt werd en bewusteloos raakte, de harde, volle claxon van de vrachtwagen was. Die had ze niet zien aankomen, met de botsing als gevolg.  De harde claxon is in haar onbewuste een eigen leven gaan leiden, want dat programmapakketje associeert ze sinds het ongeluk onbewust (en automatisch) met iets vreselijks en bedreigends. Ze begrijpt in haar verwarring niet dat claxons juist zijn bedoeld om elkaar te waarschuwen en ongelukken te vermijden. Of om uitdrukking te geven aan enthousiasme, zoals in een stadion. Het blijkt ook dat ze kort voor het ongeluk haar autoradio keihard had aanstaan, wat haar concentratie op het wegverkeer bepaald niet ten goede kwam.  In haar verwarring is ze onbewust alle harde muziek gaan associëren met iets vreselijks, alsof dat elk moment tot een (nieuw) ongeluk kan leiden.  Het programmapakket luidt: harde muziek = ongeluk (zelfs thuis i.p.v. in de auto).Ook blijkt dat ze zich schuldig voelt voor het enthousiasme en de vrolijke bui die ze had, waardoor ze de muziek zo hard had gezet.

Blijkbaar verdient ze schuldgevoel  en depressie – ‘’Eigen schuld, dikke bult.’’ Niet geheel toevallig waren dat ook de woorden die haar moeder als studente te horen kreeg toen ze zwanger bleek na onveilige seks op een –luidruchtig- feestje. Haar moeder kon of wilde daardoor  haar opleiding niet afmaken, zodat ze het grootste deel van de zwangerschap in isolement doorbracht, teruggetrokken en gedeprimeerd. Ze piekerde over abortus (dan red je het niet, ga je dood), maar durfde het uiteindelijk niet aan.  Het leven is een hologram vol herhaling, tot je je blauwdruk aanpast.

Na de klap van het ongeluk blijkt ze op het randje van de dood te hebben gebivakkeerd (tunnelervaring/ bijna dood ervaring (BDE), die ze vrijwel helemaal heeft verdrongen omdat ze het niet snapte en ze bang was om door haar omgeving voor gek te worden versleten. Die verdrongen ervaring wordt herbeleefd, wat nu heel bevrijdend werkt en haar angst voor de dood grotendeels doet verdwijnen. Ze ervaart dat ze tijdens haar bewusteloosheid contact heeft gehad met haar overleden moeder en ze voelt hoeveel hulp, liefde en bescherming ze heeft gehad in die kritieke fase.  Ze krijgt ook een flashback dat ze buiten haar lichaam is en hoort hoe een vrouwelijke arts (hard!) in de operatiekamer roept: ‘’Ze redt het niet, ze gaat dood’’. Dat vertaalt ze als ‘’Ik red het niet, ik ga dood’’ en ze blijft hangen in de paniek. Pas nu merkt ze dat door de schreeuw van de arts er bijtijds kon worden ingegrepen, zodat haar hartslag zich kon herstellen. Ze ervaart voor het eerst bewust dat ze het heeft gered en overleefd, wat tot een opmerkelijke opluchting en ontspanning leidt.

Na afloop durft ze zelf zelfs op een toeter te blazen, bij haar man in de auto te stappen en op een stille landweg luidt te claxonneren, van  pure opluchting en blijdschap. Ze begrijpt dat  toeters niet per definitie garant staan voor ellende, maar juist ook uitdrukking kunnen geven aan blijdschap. Voor het eerst in lange tijd voelt ze de dankbaarheid dat ze wonder boven wonder het ongeluk heeft overleefd, zonder blijvend letsel.

Met zoveel nieuwe ruimte, opluchting, blijdschap en inzichten heeft haar depressie geen bestaansrecht meer en haar antidepressiva al helemaal niet. Zonder toeters en bellen kan ze de ervaring nu delen met mensen die ze steeds meer was gaan mijden, zonder angst om voor raar of gek te worden versleten.

Als je de volgende keer blijft hangen in een tik in jouw plaat , weet dan dat je wellicht eerst iets hebt op te lossen, schoon te maken of weg te poetsen. Zodat je jezelf en anderen niet langer gek hoeft te maken met jouw tik en je weer kunt gaan genieten van  levensmuziek.  Een plaat kun je vervangen,  een tikkend (tijdbom-)programma ook.  Dat is zelfs heel raadzaam. Door problemen in stand te houden, ontzeg je jezelf  bevrijdende kennis en bestaansrecht.

Hard of zacht – of het nu over muziek gaat of levenslessen:  liever zelf aan de knoppen dan langzaam naar de knoppen.